- blad nr 6
- 21-3-2015
- auteur A. Klomp
- Na de bel
Wemanda
Wemanda doet de kledingkasten van haar en haar man open en spreidt demonstratief haar armen. “Links ziet u Werners persoonlijkheid en rechts die van mij.” In de eerste kast liggen de kleren in keurige stapeltjes op de planken, terwijl de andere gevuld is met wankele torentjes textiel. Behendig vangt ze een T-shirt op dat het evenwicht verliest en ze duwt gauw de kastdeur dicht. “Gewoon niet te lang treuzelen voor de kast, dan gaat het prima.”
Zo chaotisch als ze thuis kan zijn, zo gefocust is ze in haar werk als schoolmaatschappelijk werkster. “Het is een drukke baan, maar je kunt echt iets betekenen voor ouders en kinderen en dat maakt het zo de moeite waard. Het lukt me gelukkig een balans te vinden tussen betrokkenheid en professionele afstand. Je krijgt soms pittige problemen voorgeschoteld.” Hoewel Wemanda lang geleden een paar maanden de pabo deed, trok een plek voor de klas haar niet. “Maar ik wilde wel graag werkzaam zijn in die sector en voel me heel erg verbonden met het onderwijs. Je hoort mensen soms klagen over de scholen van tegenwoordig, maar ik ken zo honderd leraren waarvan ik denk: Ik vertrouw mijn dochter straks met liefde aan je toe.”
Beneden slaat de voordeur dicht en klinkt er vrolijk gebabbel. Het zijn Werner en Madelief. De eerste torst twee uitpuilende tassen mee, één met boodschappen en één met de spullen die zijn dochter vandaag mee had naar oma, die oppaste. “Het was gezellig en ik heb gekleid”, verklaart Madelief monter en ze krijgt van Wemanda een kus op haar bol. “Waar Madelief haar energie toch vandaan haalt?”, merkt Werner op. Ze is al een paar dagen grieperig en benauwd, maar laat zich niet kennen. “Van mij heeft ze het niet”, roept Wemanda, die een vinger in de lucht steekt richting de zolderkamer. Daar heeft Werner een fitnesshoek gemaakt, “waar hij ook daadwerkelijk regelmatig gebruik van maakt”, zegt ze met licht ontzag. Daarnaast schaatst hij, loopt hij hard en doet hij survivalruns. “Werner is heel actief en fanatiek. Wanneer het zíjn zondag is om vroeg op te staan met Madelief, trekken ze meteen samen het bos in. Op míjn zondagen sta ik dan nog mijn ogen uit te wrijven en kijk ik tekenfilms met haar.” “Het is allebei fijn”, meent Werner, “we vullen elkaar aan.”
Er zijn ook gedeelde hobby’s, zoals de liefde voor retro-spullen. Overal in huis zijn ze te zien: lampjes, rekjes en ouderwets speelgoed. Op de oprit staat het pronkstuk: Wemanda’s DAF. “Heerlijk voor iemand die niet zo dol is op autorijden. Niemand verwacht dat ik opschiet of behendig overal tussendoor schiet.”
Intussen snijdt Werner brood af voor bij het avondeten. “Shi…ps!”, roept en herstelt hij zich als het scheef gaat. “Shits!”, roept Madelief. Wemanda lacht. “Mwoah, dat klinkt in elk geval al beter dan gisteren.” Ze proberen op hun woorden te letten nu hun dochter alles begint te herhalen. “Mensen denken vanwege mijn beroep soms dat het bij mij thuis een pedagogisch bolwerk is. Gelukkig niet hoor. Na werktijd gaat het ouderschap hier ook met vallen en opstaan.”