- blad nr 6
- 21-3-2015
- auteur R. Sikkes
- Commentaar
Betalen en bepalen
Bij de verkiezingen van de afgelopen week riepen politieke partijen dat juist zij extra geld voor onderwijs hadden geregeld. Ze beloofden bovendien méér. Houd koers! Nu vooruit! Door met herstel!
Het is waar: met het Herfstakkoord kregen besturen de ‘zilvervloot’, maar zij hebben het extra geld gebruikt om vermogens op te poetsen of tekorten weg te werken. Dat extra geld heeft de klas in elk geval nog niet bereikt.
Neem bijvoorbeeld het voortgezet onderwijs. Het leerlingenaantal nam per oktober 2013 toe met 1,1 procent. Maar het aantal leerlingen per leraar groeide volgens cijfers van het ministerie nog veel harder, namelijk met 2,7 procent. Dat betekent vollere klassen, voor het vijfde jaar op rij.
Kijken we naar het salaris, dan is na eveneens vijf jaar nullijn een inhaalslag op zijn plaats. Anders groeit de kloof met de marktsector. Maar volgens de eerste signalen is de loonruimte die het kabinet de onderwijswerkgevers geeft, heel erg karig.
Daar knelt het. Politici houden in verkiezingstijd gloedvolle betogen over het belang van onderwijs, maar voelt zich niet langer direct verantwoordelijk voor het personeel. Er zijn te veel tussenlagen gekomen.
Werkgevers die zichzelf sectorraden noemen, autonome besturen met een eigen agenda, ongrijpbare raden van toezicht. Het wordt hoog tijd dat onderwijs weer echt een publieke zaak wordt. Nu betaalt de politiek en bepaalt het bestuur. Daar komen ongelukken van. In dit blad twee voorbeelden: een school in Hoofddorp die gered moet worden en de scholen van Boor in Rotterdam waar de gemeente miljoenen voorschoot om te zorgen dat salarissen konden worden betaald. Dat moet echt anders.