• blad nr 4
  • 21-2-2015
  • auteur A. Jonkman 
  • Column

 

Keep calm and love Maths

“Wískundedocent!? Ik was vroeger heel slecht in wiskunde, maar dat lag denk ik aan de docenten, want die konden niet uitleggen.” Dat is de reactie die ik vaak krijg als ik bij een eerste ontmoeting antwoord geef op de vraag wat voor werk ik doe. Daarna volgen allerlei anekdotes over verwarde professoren die vooral tegen zichzelf stonden te praten of docenten die zich alleen richtten op de negens en tienen in de klas. Ik hoef mij op feestjes nooit te vervelen. Het vak wiskunde doet iets met je. Iedereen wil er – al dan niet heimelijk - goed in zijn en leerlingen die zich voor het vak erg moeten inspannen vragen zich vaak af ‘waar zij dit ooit nog voor nodig zullen hebben’. Het is prettiger om de schuld van het falen te leggen bij de irrelevantie van de materie dan bij het eigen onvermogen. Slecht zijn in wiskunde geeft leerlingen het gevoel dat zij dom zijn. Slecht zijn in Frans betekent voor hen niet meer dan dat zij slecht zijn in Frans. Dus toen ik mij zo’n 15 jaar geleden ging omscholen van televisiemaker naar docent, koos ik het vak wiskunde niet zomaar. Bij de televisie was ik gewend om de kijker een feestje voor te zetten en dat zou ik op school ook weer gaan doen. Maar dan eentje met maatschappelijke relevantie. Wiskunde leek mij daarvoor het meest geschikte vak: leerlingen vinden het vaak moeilijk, maar willen er – terecht - toch graag eindexamen in doen. Ik zou hen er op eigenzinnige wijze wel doorheen slepen en het belangrijke vak voor iedereen aantrekkelijk en haalbaar maken. De praktijk is mij tegengevallen, dat zal jullie niet verbazen en dat heb ik hier al eerder opgeschreven. Wellicht ben ik op mijn 53ste ook nog wel een beetje naïef. Maar vandaag had ik een goede dag.
Nadat ik, twee weken geleden, in de eerste les op mijn nieuwe school what’s app groepen had aangemaakt met mijn klassen, kwamen daar in de loop van de dag groepsafbeeldingen bij. Onafhankelijk van elkaar hadden leerlingen uit drie van de vier klassen gekozen voor een plaatje van een poster met de tekst: ‘Keep calm, and hate Maths’. Dat deed best een beetje pijn. In de twee weken die volgden heb ik mij uit de naad gewerkt met filmpjes, touwtjes en dozen bij Pythagoras, extra les voor leerlingen die hun schoolexamen wilden herkansen, één op één uitleg in de pauze aan kinderen die zichzelf hadden bestempeld tot hopeloos geval, spelletjes ter bevordering van het groepsproces in 1 mavo. Het was een feest, ik heb genoten. En Mary uit 2 havo stond voor mij te dansen toen ze zei: “Mevrouw, ik snap het, ik snap het!! Toen ik een keer een 5,5 haalde sprongen mijn ouders en ik een gat in de lucht. Stelt u zich eens voor wat er gebeurt als ik woensdag een 6 haal!” Daar doe je het toch voor? En wat blijkt? De groepsafbeeldingen zijn gewijzigd in ‘Keep calm and love Maths’. Maar ja, nu moeten natuurlijk vooral de leerlingen aan het werk. Of dat lukt lezen jullie een andere keer.

Dit bericht delen:

© 2021 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.