• blad nr 4
  • 21-2-2015
  • auteur . Lachesis 
  • Column

 

Missie.

Ik herinner me nog hoe stomverbaasd ik was toen het team waar ik destijds deel van uit maakte de opdracht kreeg om een visie en een missie aan het papier toe te vertrouwen. Tot die tijd had ik geen enkele gedachte gewijd aan het verbijzonderen van de school. Er moest zo goed mogelijk en in een aangename sfeer lesgegeven worden. Het leek ons dat dit voor alle scholen gold en we konden dan ook niets bedenken wat we op papier wilde zetten als zijnde uniek, bijzonder en alleen geldend voor deze school. Dus besloten we ferm dat we een ‘gewone school’ waren en dat we dat ook graag wilden blijven. Dat hadden we gedacht. Onze bazen waren pas content toen we zuchtend en steunend iets schimmigs en oncontroleerbaars in elkaar knutselden. Iets met veiligheid en uniciteit van ieder kind en zo meer. Onze missionaire visie of visionaire missie was zo algemeen geformuleerd dat niemand wist wat dat nu concreet betekende voor onze onderwijspraktijk. Daarna bleven we gewoon een gewone school. Tot we besloten dat - als dan toch de bedoeling was dat we ons verbijzonderden - Coöperatief Leren wel erg bij ons paste. Dat hadden we gedacht. Al dat samenwerkend leren was juist bezig volledig uit de tijd te vallen. Meerbegaafdheid, hoogbegaafdheid, individuele leerwegen, plusgroepen, basisgroepen, mingroepen, het waren de jaren des onderscheids in het onderwijs. Coöperatief was uit. Jammer dan. Op dat moment realiseerde ik mij dat het er niet (meer) toe deed wat ik samen met mijn collega’s bedacht of nastreefde met ons onderwijs. De school was in de loop van de jaren zo onlosmakelijk verbonden geraakt met een omliggend krachtenveld dat alle energie die uit zichzelf uit de scholen stroomde omgebogen of vervangen werd. Een toenemende hoeveelheid eisen, wensen en bevelen kwam met duizelingwekkende snelheid op de scholen af. Hoezo uniek, hoezo eigen visie en missie? Weer Samen Naar School, Passend Onderwijs, het bestuur, alsmede het ministerie, de inspectie en een heel leger onderzoekers, ouders, maatschappelijke pressiegroepen en woest ronddwalende tijdgeesten vuurden hun plannen op de scholen af. Doe dit. Laat dat. Teams hoefden niet meer zelf te bedenken waar ze in geschoold wilden worden, dat deed het krachtenveld wel voor ze. En zo kwamen er cursusleiders de school binnen die nooit tevreden waren want dan konden ze hun vervolgcursussen niet slijten. De ene instantie sommeerde een team minder klassikale instructie te geven en een andere sommeerde een team meer volgens de regels van de Directe Instructie te werken. De logica was vaak zoek, de eisen niet zelden tegenstrijdig. En men wilde steeds meer weten: toets dit, meet dat. En zo kon het gebeuren dat de opdracht aan scholen om een eigen visie en missie te bedenken uitdraaide op een overvloed aan visies en missies die vanuit het krachtenveld op de scholen afgevuurd werden. De grootste gemene deler was steeds: het is niet goed, het moet beter en wel meteen! Voor teams zat er vaak niets anders op dan alles enigszins gelaten te ondergaan. Ja hoor. ’t Is goed. Leg daar maar neer. We lezen het wel een keer. Maar net toen ik dacht dat het mijn tijd wel zou duren, iets wat ik tot nu toe nooit dacht, verschenen er ineens kleine tekenen van opleving. De onderwijsziel bleek niet dood. Hij was hooguit even buiten westen geslagen. Overal op het internet en in het land duiken bewijzen op dat leerkrachten elkaar weer in hun gezamenlijke passie voor dit vak gevonden hebben. Tijdschriften, blogs, nascholingsgroepen, facebookpagina’s. The Crowd, edubloggers, Lesje op School, Het Kind, United4Education, Leraren met Lef, De nieuwe Leraar, op al deze plekken is er weer sprake van het terugvinden van het plezier in lesgeven. Er wordt autonomie opgeëist en gebied terug veroverd op het krachtenveld. Er is een nieuwe missie. Dit keer is het een mooie!

Dit bericht delen:

© 2021 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.