• blad nr 13
  • 1-7-2000
  • auteur . Overige 
  • Column

 

Van de Camp

Paars II is halverwege de rit. Een mooi moment om in deze laatste column voor de zomervakantie de balans op te maken. Hoe staan de zaken ervoor? Wat is de staat van het onderwijs in Nederland?
Beide bewindslieden zijn in augustus 1998 met veel credits begonnen. Na de zeer eigengereide Ritzen kwam de open en flexibele Hermans, de uiterst vasthoudende (u kent mijn vriendelijkheid!) Netelenbos werd opgevolgd door de betrokken en bewogen Karin Adelmund.
Nu zijn we bijna twee jaar verder en waar staan we? Het land wordt steeds rijker maar zeker niet tevredener en gelukkiger. De werkdruk wordt steeds groter, het lerarentekort ook en de prestaties van veel individuele kinderen blijven achter. Dit laatste is zeker niet alleen aan de politiek te verwijten, maar ook aan onze complexere samenleving. Hermans praat, communiceert dat het een lust is. Er wordt echt heel veel gepraat, maar sturing en ideeën, wij wachten er nog op. Er komt op de diverse dossiers een Œgemiddelde lijn¹ (een zesjeslijn) tot stand, niemand boos of teleurgesteld, maar ook echt niemand enthousiast. Of het moeten de bazen van de universiteiten zijn die in toenemende mate hun eigen weg mogen gaan.
En Karin? Die heeft het gewoon moeilijk. Een goede onderwijspolitiek is taai: zeer complexe dossiers en wetgeving, veel actoren op het politiek bestuurlijke speelveld en uiteindelijk vraagt iedere leerling of student op microniveau eigen specifieke aandacht. Die kun je er niet enthousiast Œin praten¹ via bergen goede bedoelingen. Eenduidigheid van beleid ontbreekt bovendien: worden de ambtenaren wel voldoende aangestuurd? Waar blijft het wmo/wor-dossier? Hoe gaan we verder met de positie van de ouders?
Maar er is nog iets ernstigs aan de hand: PvdA, D66 en VVD vechten hun politieke verschillen niet uit, zeker niet in het openbare debat. Er is heel veel - duidelijk meer dan vroeger - Torentjesoverleg en andersoortig binnenkamergepraat. Ook worden politieke verschillen van inzicht afgekocht met extra geld. En de oppositie? Ook die heeft het moeilijk. Er is niet één oppositie. Op een aantal dossiers wil GroenLinks iets anders dan het CDA; SGP en SP zijn het ook lang niet altijd eens. Wanneer de coalitie het al te bont maakt, sluit de oppositie zeer snel de rijen. Op andere momenten doen GroenLinks en het CDA zaken met de PvdA. In het veld wordt ook de oppositie gezien als een onderdeel van het politieke bedrijf, of zoals u wilt als een verlengstuk van het politieke falen. Dat geeft ernstig te denken aan het eind van het politieke seizoen.

Dit bericht delen:

© 2023 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.