- blad nr 16
- 25-10-2014
- auteur T. van Haperen
- Column
Volg het geld
Bij het urinoir brabbelt een wankelende collega over een artikel in het Algemeen Dagblad. Vriendjes van hoge ambtenaren en bewindslieden halen bij het ministerie gratis geld op. Als in de VS het analfabetisme toeneemt, krijgt hier de Stichting Lezen & Schrijven een subsidie van 8 miljoen euro. Een medewerker van de minister houdt er een baantje aan over. De stichting huurt een pand voor 10 duizend euro per maand. Ik knik. Maar hij is nog niet klaar. Als op scholen homo een veel gebruikt scheldwoord blijkt te zijn, regelt Kamerlid en professioneel ritselaar Henk Krol een website voor 350 duizend euro. Eindelijk, de breedspreker maakt zijn punt. Lezen en schrijven, respectvol met elkaar omgaan, dat leer je op school, van leraren. Niet van een website of een stichting. Eens, maar modieuze termen als excellentie, gedragsstoornissen, burgerschap, leeropbrengst, professionalisering, het zijn de kanonnen die het belastinggeld de lucht in schieten. En terwijl jij en ik aan het werk zijn, dwarrelen de euro’s naar beneden en harken maatschappelijke ondernemers hun budget bij elkaar. Wat het oplevert? Feestjes, recepties en kickoffs. Dat is geen nieuws, toch?
Terug aan de bar zet een vriend een glas bier voor me neer. Of ik De Telegraaf gelezen heb? Over dat schoolbestuur in Leidschendam. Panta Rhei. Alles in beweging. Mooi toch? Niet helemaal. De bouwkosten bewogen net wat te hard. Waarna valse offertes en vreemde facturen de tekorten moesten wegpoetsen. Een consultancybureau en een bouwbedrijf schijnen het bedacht te hebben. De bestuursvoorzitter weet in ieder geval van niks. Wat vast zo is. Amateurs in de wereld van het grote geld zijn de makkelijkste slachtoffers.
Ik neem een slok van mijn bier. Probeer het duo verspilling en fraude weg te spoelen. Maar ze blijven achter in mijn strot hangen. Ik ken ze ook te lang. Net als de oorzaak. Markt en overheid zijn de twee mogelijk effectieve allocatiemechanismen. Maar een marktprijs sluit uit. Dat kan niet met leerplichtige kinderen. Dus bekostigt de overheid het onderwijs. Maar dat rare Nederland kiest voor een allocatiemechanisme tussen markt en overheid in. Het middenveld wendt de middelen aan. Een donker gebied. Een tikkeltje middeleeuws. Minister, bestuurders en schoolleiders als paus, vorsten en landheren. Alleen heet nu de almachtige God ‘beter onderwijs’. Ook daarvan weet niemand hoe het eruitziet. Tijd voor verlichting.
Maar die verlichting komt niet. Stelselwijzigingen zijn taboe. Gelukkig geeft de kroegbaas me wel wat ik wil. De lampen gaan vol aan. Sluitingstijd. Mijn vrienden vragen of ik nog een Jack Daniels mee ga drinken. Niet dus. Volg het geld. Alles bekend. Niks gedaan. Verspilling en fraude forever. Wat rest is slapen en dromen. Heel veel dromen.