• blad nr 16
  • 25-10-2014
  • auteur R. Sikkes 
  • Redactioneel

Vertrouwensbreuk onderwijspolitiek nog niet voorbij 

Politiek leert niet

De commissie-Dijsselbloem was heel helder in 2008. De politiek moet op hoofdlijnen sturen, draagvlak zoeken en de samenhang bewaken. Een topidee, vond vrijwel de hele Tweede Kamer. Maar er is van die goede bedoelingen niets terechtgekomen, constateert de Onderwijsraad zes jaar later.

‘Nog steeds bemoeit de overheid zich intensief met de inrichting van het onderwijs op de scholen. Beleidsmaatregelen worden gestapeld zonder gedegen onderbouwing en zonder voldoende interactie met het onderwijsveld.’
Deze snoeiharde conclusie van de Onderwijsraad komt uit het begin deze maand verschenen rapport Onderwijspolitiek na de commissie-Dijsselbloem. Ministerie en Tweede Kamer hebben zich niet aan hun eigen voorstellen gehouden. Hoe zat het ook al weer?
Na jarenlange kritiek op onderwijsvernieuwingen zoals het competentiegericht onderwijs, stelde de politiek in 2007 een daad. Er kwam een parlementaire enquêtecommissie. Deze commissie-Dijsselbloem constateerde dat leraren terecht hadden geweigerd vernieuwingen uit te voeren. Voortaan zou de politiek over het wat moeten gaan en de scholen over het hoe.
Daar is volgens de Onderwijsraad bar weinig van terechtgekomen. Direct na het verschijnen van het rapport leek door de zelfevaluatie van de politiek het vertrouwen tussen overheid en onderwijs weer terug te zijn. Maar dat duurde niet lang.
Het onderwijsbeleid van het kabinet Rutte-I zorgde voor een vertrouwensbreuk, met twee grote stakingen in 2010 over onderwijstijd en passend onderwijs. De raad vindt dat die breuk nog steeds bestaat: het nationaal onderwijsakkoord van Rutte-II werd gesloten zonder de AOb en had volgens DUO Onderwijsonderzoek geen steun van directies en leraren.
Alles bij elkaar hebben politici de aanbevelingen van Dijsselbloem – bewaak het stelsel, stuur op hoofdlijnen, zorg voor draagvlak – volledig genegeerd. Maar de Onderwijsraad gaat nog een stapje verder. Het overheidsbeleid is in een kramp geschoten en vermijdt discussie over onderwijsvernieuwingen of stelselherzieningen. Ondertussen wordt de ene na de andere maatregel doorgevoerd, waardoor de samenhang binnen het onderwijsbestel wordt aangetast. Juist een kerntaak van diezelfde overheid.
De Onderwijsraad geeft een nieuw lijstje aanbevelingen. Op nummer één nog steeds: kies op hoofdlijnen. Ga stelselwijzigingen niet uit de weg als die nodig zijn en bewaak vooral kwaliteit, samenhang en doorstroming.
Aanbeveling twee: zoek naar nieuwe gesprekspartners. De raden zijn eigenlijk werkgeversorganisaties en vertegenwoordigen alleen de schoolbesturen, niet de ouders of werknemers. Ten onrechte denkt de overheid dat ze afspraken maakt met de hele onderwijssector. En volgens de Onderwijsraad representeren de vakbonden ook niet alle leraren, dus moeten ook andere geluiden naar boven komen.
En ten slotte nummer drie: gebruik beter informatie uit de wetenschap en het onderwijsveld. Pilots worden gebruikt als invoermechanisme in plaats van als experiment om van te leren. Er moeten meer effectevaluatie komen. En, als het aan de raad ligt, ook een uitvoeringstoets vooraf door experts.

{kadertje 1}
Geert ten Dam, voorzitter Onderwijsraad
Heeft u ook een verklaring voor het niet opvolgen van de eigen aanbevelingen door politici?
“We hebben eigenlijk alleen maar gekeken naar wat er is gebeurd, op basis van documenten en interviews, niet naar redenen. Maar kort cyclisch beleid zit misschien wel in de genen van de politiek.”
In het advies zegt u dat de politiek meer moet kijken naar vernieuwingen. Gaat het dan om vernieuwingen als een iPad-school of binnen het onderwijsstelsel?
“Om het stelsel, niet om leermiddelen. We zien dat door Dijsselbloem politici vermeden hebben om over veranderingen in het stelsel te praten. Terwijl dat wel nodig is. De afgelopen jaren zijn er voortdurend maatregelen genomen, maar ontbreekt het zicht op de gevolgen van al die afzonderlijke maatregelen. En juist de overheid is verantwoordelijk voor het stelsel, dus moet de samenhang daarbinnen bewaken.”

{kadertje 2}
Walter Dresscher, voorzitter AOb
De raad zegt dat steeds opnieuw gezocht moet worden naar nieuwe gesprekspartners om breed draagvlak voor beleid te creëren.
“Natuurlijk juichen wij het toe wanneer politici praten met de mensen voor de klas. Daarom brengen wij onze leden regelmatig in contact met politici en spelen wij problemen waar leden tegenaanlopen, ook door. Maar het loopt scheef wanneer het ministerie een clubje geselecteerde leraren uitnodigt en vervolgens alleen opschrijft wat het ministerie bevalt. Dit is natuurlijk geen gelijkwaardig overleg met betrokkenen.”
Denkt u dat de aanbevelingen uit de evaluatie van de Onderwijsraad nu wel landen?
“Het zou geweldig zijn als politici zich weer op de hoofdlijnen gaan richten en nieuw beleid eerst met het onderwijsveld wordt afgestemd. Maar het zou me niet verbazen als politiek Den Haag gewoon doorgaat met het sluiten van gedetailleerde bestuursakkoorden met alleen de werkgeversorganisaties.”

{kadertje 3}
Paul van Meenen, D66-onderwijswoordvoerder
De politiek heeft niet geluisterd naar de eigen parlementaire enquêtecommissie, gaat u nu wel luisteren naar de aanbevelingen van de Onderwijsraad?
“Het risico bestaat dat de politiek dit als een bevrijding ervaart: we mogen weer vernieuwen en het stelsel aanpakken. Dat moeten we niet doen. Het heeft de afgelopen jaren echt aan draagvlak ontbroken voor het onderwijsbeleid. Het is onze opdracht het vertrouwen weer te herwinnen. Wanneer het kabinet dat niet voldoende doet, zal de Tweede Kamer dat gaan corrigeren.”

{kadertje 4}
Michel Rog, CDA-onderwijswoordvoerder
Lukt het de overheid om op hoofdlijnen te sturen?
“Integendeel, we zien een opeenstapeling van interventies door dit kabinet. Ook de inspectie vervult nog een sturende rol. Neem de bevoegdheidsdiscussie. Het kabinet wil een verplicht register invoeren voor leraren, maar leunt achterover als scholen geen openheid over de hoeveelheid onbevoegden geven. Dat zijn vreemde keuzes.”

{kadertje 5}
Karin Straus, VVD-onderwijswoordvoerder
De Onderwijsraad ziet nog steeds gedetailleerde onderwijsbeleid en gebrek aan zoeken naar draagvlak door de politiek.
“Ik zie wel degelijk verandering. Sinds Dijsselbloem gaat het weinig over het stelsel, maar juist de VVD is in de Tweede Kamer de discussie aangegaan met de groep Samenleren, een groep vanuit het onderwijs zelf. Dat is iets waar stelselwijzigingen en onderwijsinhoud samengaan. Wij zijn als VVD dat gesprek dus wel aangegaan.”

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.