- blad nr 10
- 24-5-2014
- auteur . Overige
- Na de bel
Edwin
Tekst Aranka Klomp
Aan de straatkant van het rijtje doorzonwoningen is niets te zien van de nijverheid die aan de achterzijde plaatsheeft. Een net voortuintje, een bloempot naast de voordeur en een auto onder de carport. Pas vanuit de woonkamer, door het grote raam dat ooit op de achtertuin uitkeek, is de bouwplaats te zien: een uitbreiding van het huis, waarvan de buitenmuren al klaar zijn, maar de binnenkant nog ruwbouw is. Al een jaar is Edwin aan het bouwen en in de zomer hoopt hij de muren van de woonkamer door te breken. Nu nog moet hij buitenom naar de werkplaats, waar een werkbank staat, ontelbare gereedschappen liggen en het ruikt naar zaagsel en olie.
Het levert een bijzonder schouwspel op in de woonkamer, waar het gezinsleven zich onverstoord afspeelt (de spelcomputer spuwt piepgeluiden uit, de kinderen lopen met glazen ranja en Anouk geeft kusjes op een gestoten knie), terwijl het kamerbrede raam Edwins verrichtingen als een geluidloze film vertoont. Hij blaast het stof van zijn werkbank, lijkt wat te mompelen, rommelt in een gereedschapskist waarna hij, vaag in de verte hoorbaar, keurend een muur beklopt.
In de woonkamer wacht Anouk tot ze zijn aandacht weet te vangen en steekt dan twee koppen koffie de lucht in. Edwin knikt. In de tuin komt hij even op adem, te midden van talloze bouwmaterialen die op een vertrapt grasveldje op hun bestemming wachten. De kinderen Gijs, Joris en Willemijn hebben het zonnetje ook ontdekt en rennen om het hardst naar hun trampoline. “Dit is waar het leven over gaat”, zegt Edwin en hij gebaart met zijn koffiemok om zich heen. “Dat je eens wat meer geniet van thuis, van de kinderen, van je vrije middag en van je tuin.” Anouk zet grote ogen op en bekijkt wat na de verbouwing een tuin met speelgazon en terras moet worden. “Je moet er gewoon even doorheen kijken”, roept Edwin. “Dan zie je nu al een paradijsje.”
De verbouwing is niet het enige dat de afgelopen jaren het gezinsleven op de kop zette. Twee jaar terug nam Edwin een belangrijke beslissing: hij verruilde zijn baan in de autohandel (“jasje, dasje, mooie wagen van de zaak”) voor de functie van conciërge. “Financieel gingen we er wel een stukje op achteruit, zo simpel is het”, bekent Edwin. “Maar ik verloor het plezier in mijn werk en dacht: Het is nu of nooit.”
“Iedereen ziet van een afstand hoe veel gelukkiger hij nu is”, zegt Anouk. “Al blijven er altijd mensen die vinden dat ik onder mijn niveau werk”, vult Edwin aan. “Maar je niveau bepaal je zelf. Het is maar net hoe je de conciërgetaak invult. Ik geef leiding, ik organiseer, ik beheer en ik vervul een sociale taak. En ja, ik plak ook fietsbanden.” Juist die afwisseling, waarbij Edwin het ene moment een technisch mankement in de meterkast oplost en het volgende een leerling met liefdesverdriet troost, past hem als een jas. “Tel daarbij op dat ik met deze baan de weekenden vrij ben en dagelijks fluitend naar mijn werk ga en je ziet geluk op hoog niveau.”
Meedoen aan deze rubriek? Mail naar onderwijsblad@aob.nl