- blad nr 7
- 5-4-2014
- auteur . Overige
- De Kwestie
De kwestie
Tekst Aranka Klomp
Arjan van der Meij
docent natuurkunde op vmbo-t en havo/vwo
“Mijn leerlingen liegen niet. Vanaf de allereerste keer dat ze bij mij binnenkomen, laat ik ze weten dat ik gedraai en gejok erger vind dan het niet maken van hun huiswerk. Vanzelfsprekend is het irritant als ze hun boeken of huiswerkopdracht niet bij zich hebben en dat laat ik ze weten ook. Maar de leerling die eerlijk vertelt dat hij zijn huiswerk niet gemaakt heeft omdat hij eerst moest trainen, toen moest eten en toen nog eens bij Albert Heijn de vakken moest vullen die ik dan weer kan leegkopen, heeft mijn sympathie. Als toch eens blijkt dat iemand heeft gejokt, dan houd ik mezelf voor dat dat er ook een beetje bij hoort. Natuurlijk wil ik graag dat ze goed natuurkunde leren, maar bij groot worden hoort ook dat je je grenzen verkent.”
Rosa Rodrigues
hogeschooldocent onderwijskunde en onderzoeksbegeleider
“Ik vind dat liegen in het onderwijs echt verboden is. Ik wijs studenten op hun eigen verantwoordelijkheid: het is hun opleiding, waarvoor ze zelf hebben gekozen. Ze zitten niet meer op de middelbare school. Ik zal ook zeggen dat ik het geen goede beroepshouding vind. Ik geef van tevoren duidelijk aan wat de consequenties zijn, als ze huiswerk niet hebben gemaakt. Het heeft dan geen zin om naar de les te komen en ik beantwoord achteraf ook geen vragen over de stof. Als ze toch komen en ik er dan achter kom dat iemand de afgesproken stof niet heeft gelezen, dan kan hij vertrekken. Natuurlijk mogen ze naderhand langskomen om te praten en soms blijkt dat er een reden is dat de student niet eerlijk durfde te zijn. Toch begrijpen ze ook dan dat ik nu eenmaal in eerste instantie consequent moet zijn.”
John Weerwind
docent handel op een roc, niveau-2
“Om liegen te voorkomen moet je controleren en positief belonen. Ik check elke les of de leerlingen ‘op norm’ zijn. Ik roep ze naar voren om te kijken hoe ver ze zijn met hun huiswerk. Als dat goed gaat, of wanneer ze zelfs vooruitwerken, dan kunnen ze rekenen op complimenten. Je moet wel consequent zijn, anders ben je nergens. Bijvoorbeeld: geen boeken bij je hebben, is geen les krijgen. Ze mogen wel altijd hun verhaal doen, want smoezen verzinnen kan ook voortkomen uit narigheid thuis, of problemen met het niveau. Ik zeg dan: Geef dat nou van te voren aan, dan hoef je niet te liegen. Ik wil zo helder mogelijk zijn in regels en consequenties, maar ook in de boodschap dat ik er ben als er problemen spelen. Dat vinden leerlingen prettig en ik moet zeggen: Zo vaak wordt er niet gelogen.”
In de rubriek de Kwestie leggen we maandelijks een vraag voor aan een vast panel van negen deskundigen. Drie ervan reageren.
Wat vind jij? Liegen bestraffen of door de vingers zien? Ben je streng, of ga je uit van een achterliggende oorzaak? Discussieer mee. Ga naar www.aob.nl/forum
De vorige kwestie was:
Hartkloppingen en klamme handen. Uitstelgedrag of ziekmeldingen. In toets- en examentijd hebben leerlingen met faalangst het extra moeilijk. Wat kun je voor ze betekenen?
Deze kwestie riep weinig tegengestelde meningen op. Een docent speelt een belangrijke rol bij faalangst, zegt lezer Hendrik-Jan van Gessel op het forum:
‘Veel. Door je een beetje soepel, begripsvol, relaxed en beslist niet perfectionistisch, schoolmeester- (pedant) en kruideniersachtig op te stellen. Dat kost je trouwens ook je eigen gezondheid.’