- blad nr 7
- 5-4-2014
- auteur . Overige
- Redactioneel
Een vechtpartij bij school?
Voor je het weet sta je op Youtube
Tekst Andrea Holwerda
Maandagmiddag 27 januari. Op zo’n vijftig meter buiten de schoolpoort van het Reynaertcollege in Hulst wil een leerling naar eigen zeggen een medeleerling ergens op aanspreken. Ze vraagt wat haar probleem is en trekt haar dan aan haar haren en met fiets en al omver. Ze slaat vervolgens een paar keer op haar hoofd, zegt dat ze haar bek moet houden en lijkt haar dan te laten gaan. Maar dan rent ze haar achterna, duwt haar nog een keer om en schopt haar. Er staan heel wat andere leerlingen omheen. Er wordt gejoeld en gelachen, er worden opmerkingen gemaakt, een paar helpen de leerling en haar fiets weer overeind. “Heb je dat gefilmd”, klinkt het dan. “Ja jongen!”
“Dat er een filmpje was, wisten wij niet direct”, blikt bestuursvoorzitter Piet de Witte terug. “Wel waren we op de hoogte van de ruzie. Een docent heeft zelfs nog ingegrepen. Als je het weet zie je hem ook in beeld.” Een andere docent en teamleider hoort in de avond over het bestaan van het filmpje. Hij onderneemt direct actie en vraagt diegene die het op Youtube heeft gezet het er weer af te halen. Dat gebeurt. “Maar het is natuurlijk niet zo dat het dan weg is”, stelt De Witte. “Het verspreiden ervan gaat echt razendsnel.” Zo staat het filmpje nog diezelfde avond op weblog GeenStijl.
Er wordt een mail gestuurd naar alle docenten, de directie en andere betrokkenen, vertelt De Witte. “Meer konden we op dat moment niet doen.” Wel wordt besloten de volgende ochtend direct met een groep mensen, waaronder het managementteam en de sectorleiding, bij elkaar te komen. De Witte: “Ik dacht: Dit zou wel eens iets groots kunnen worden. Elke school heeft wel eens met een vechtpartij te maken, maar als er een filmpje van wordt gemaakt wat breed wordt verspreid, moet je opschalen. Iedereen kan het zien en vormt een mening. Je staat direct 10-0 achter. Je moet heel snel schakelen. Voorkomen dat niet iedereen voor je gaat praten.”
Hectiek
Die ochtend gaat de telefoon van het college onophoudelijk en de mailbox stroomt vol. “We werden echt overstelpt met aandacht. Vanuit het hele land kregen we analyses en adviezen”, vertelt De Witte. “We zijn vervolgens begonnen met een mail aan de ouders en hebben dat bericht ook direct op onze site gezet. Intussen was er al gekeken naar wie de omstanders waren en we zijn met hen in gesprek gegaan. Verder was er ook contact met de dader, het slachtoffer, hun ouders en de politie. En er werden zaken als één cameraploeg is welkom, maar meer niet, afgesproken.” De Witte merkt dat het hoofd koel houden cruciaal is. “Je moet voorkomen dat je in alle hectiek bijvoorbeeld besluit direct alle omstanders te schorsen.”
Zo snel als de onrust kwam, zo snel was die ook weer weg, stelt De Witte. “Het was één dag lang ‘een ding’ en toen konden we in stilte verdergaan. Dat was wel gek.” In de dagen daarna werd er onder andere een instructie voor de mentoren geschreven voor de gesprekken over het voorval in de klas. “Hoewel dit al niet echt meer nodig was. Veel docenten hadden het zelf al opgepakt.” Ook werden in gesprekken met ouders erbij uiteindelijk de sancties voor de omstanders bepaald. “Dat ging van een flinke nakomstraf tot een schorsing.”
Het waren uiteindelijk een aantal turbulente dagen, concludeert De Witte. Belangrijk bleek volgens hem de goede samenwerking met ouders en politie. Wat opviel was het niet up-to-date zijn van hun calamiteitenplan: punten als ‘geheimhouding betrachten’ waren helemaal geen optie. “En onze telefonistes zaten echt in de vuurlinie. Ze hebben zich goed gered, maar ik wil nog wel kijken of ze genoeg handvatten hadden.”
Illusie
Het advies dat De Witte andere scholen wil meegeven is: weet wat je te wachten kan staan. “Dat is ook wat ik collega-bestuurders de afgelopen weken tijdens verschillende bijeenkomsten heb gezegd. Ze vroegen zelf ook vooral naar wat er allemaal gebeurde. Een van hen vertelde net eenzelfde ruzie tussen leerlingen te hebben gehad, maar dan zonder filmpje.”
Rector Fred Meijer van het Edison College in Apeldoorn beaamt wat De Witte zegt. Hij kreeg twee weken eerder ook te maken met een filmpje. Daarop was te zien hoe een leerling net buiten het plein door een leerling van een andere school mishandeld werd. De beelden werden rondgestuurd via Whatsapp. “We dachten in eerste instantie alleen in de directe omgeving, maar na een paar dagen bleek het zelfs al bij de redactie van het NOS Journaal binnengekomen te zijn.”
Het is een illusie te denken dat je de voorvallen kunt voorkomen, stellen de twee. Op beide scholen was aandacht voor de omgang met sociale media in lessen, al werd er bij het Reynaertcollege al wel over gedacht dit te gaan verstevigen, zegt De Witte. Ook staan in de schoolregels van beide scholen punten als niet filmen in school en/of zaken verspreiden zonder toestemming. “Maar daar werd toen er iets gebeurde niet aan gedacht”, vertelt De Witte. Daarbij, stellen de twee, gebeurde het in beide gevallen net buiten de school.
Kritisch
Trainer/consultant van onderwijsadviesbureau APS, Anke Visser, is het met de twee eens. Ze twitterde naar aanleiding van het incident bij het Edison College dat scholen leerlingen en hun sociale media niet aan een digi-touwtje hebben. “Zorg dus wel dat je goed weet wat je ermee doet. Dat als het misgaat je een idee hebt hoe bijvoorbeeld de filmers te achterhalen. Dat kan soms nog een hele toestand zijn, omdat leerlingen hun apparaten aan elkaar uitlenen. Dus: zijn er stemmen te herkennen? Maar ook: bedenk wat de consequenties voor diegene zijn. Een schorsing bijvoorbeeld.”
Het is handig dit laatste te hebben vastgelegd in een protocol. Visser: “Daar kun je dan naar verwijzen.” Daarbij is het volgens Visser belangrijk dat je het protocol regelmatig kritisch bekijkt. “Leer van jezelf en anderen. Vraag je af of je niet moet stellen dat er niet gefilmd mag worden in én rond de school? Daarnaast komen de smartwatch en Google Glass eraan. Moeten daarvoor punten worden aangescherpt?”
Ze heeft de indruk dat steeds meer scholen met het onderwerp aan de slag gaan. Dit volgens haar onder invloed van voorvallen, maar ook het meer gebruiken van bijvoorbeeld tablets en sociale media op school. “Het gaat wel langzaam als je bedenkt dat acht jaar geleden het maken en verspreiden van beeldmateriaal zonder toestemming voor het eerst verboden werd - nadat er online een filmpje verscheen van een vechtpartij tussen een aantal meiden op het Niftarlake College in Maarssen.”
Digiquette
De vraag of docenten ook echt mediawijsheidlessen of digiquette zoals ze het zelf noemt, moeten geven, vindt Visser lastig te beantwoorden. “Want scholen worden gek van wat ze allemaal moeten doen. Er is wel veel aanbod aan cursussen en projecten, er zijn mediacoaches in te zetten.” Een idee is het bespreken van de do’s en don’ts te koppelen aan aandacht voor je protocol. “Aan het begin van dit schooljaar heb ik met mentoren van het Dr. Nassau College in Assen hier lessen voor bedacht, waarbij leerlingen ook zelf regels gingen bedenken, dit thuis bespreken. Belangrijk is daarbij wel te zorgen dat iedereen in het team een bepaalde basiskennis heeft van gebruik en misbruik van sociale media.”
Ook zelfstandig mediacoach Gemma Steeman denkt dat het goed is leerlingen mee te laten denken. “Vraag waar volgens hen de grens ligt. Kun je het maken een filmpje te maken als iemand in elkaar geslagen wordt? Hoe zit het met de rechten van diegene die gefilmd wordt? En wat als jij het filmpje niet hebt gemaakt, maar wel hebt doorgestuurd? Ben je dan ook fout? Zo gaan ze zelf nadenken over hun online gedrag en wordt een protocol meer gedragen.”