• blad nr 4
  • 22-2-2014
  • auteur Y. van de Meent 
  • Redactioneel

Vertrekkend hbo-bestuurder Wintels geeft ‘overschotwaarschuwing’ af  

Prestatieafspraken werken oppotten in de hand

Hogescholen hielden in 2012 61 miljoen over, terwijl ze al flink wat vet op de botten hadden. Marcel Wintels, die deze maand afscheid nam als bestuursvoorzitter van Fontys Hogescholen, wijt het oppotten aan het onberekenbare overheidsbeleid. “Geld dat aan het eind van het jaar wordt gestort, kun je niet meer zinvol opmaken.”

Met veel gegoochel en geschuif wist het kabinet het afgelopen najaar 650 miljoen vrij te maken voor investeringen in het onderwijs. Maar begin dit jaar werd bekend dat onderwijsinstellingen in 2012 ruim 300 miljoen overhielden; 165 miljoen daarvan kwam voor rekening van het hoger onderwijs. Dat roept vragen op, beseft Marcel Wintels, die deze maand afscheid nam als collegevoorzitter van Fontys Hogescholen. “Als een bedrijf winst boekt is iedereen blij, maar als een school of universiteit geld overhoudt, vraagt men zich af hoe dat kan. Terecht, want de sector is financieel gezond en daar passen geen overschotten bij.”
Begin deze eeuw was de financiële positie van het hbo nog zorgelijk, weet Wintels. Hij was de afgelopen acht jaar voorzitter van de bestuurscommissie financiën van de Vereniging Hogescholen. Veel hogescholen zaten in de rode cijfers en de vermogens raakten uitgehold. Maar dankzij positieve resultaten zijn de reserves de afgelopen tien jaar gegroeid.
De gemiddelde solvabiliteit, een maat voor de omvang van het eigen vermogen, is gestegen naar 41 procent, ruim boven de ondergrens van 20 procent die in de sector van oudsher wordt gehanteerd. Elf van de 35 hogescholen, waaronder grote instellingen als de Haagse Hogeschool, Avans en de Hanzehogeschool, hebben zelfs een solvabiliteit van 50 procent of meer.
Maar dat betekent niet dat er in het hbo geen Amarantis-achtige gebeurtenissen kunnen plaatsvinden, waarschuwt Wintels, die in 2012 als puinruimer werd aangesteld bij de wankelende scholenreus voor vo en mbo. “Er zijn nog steeds een paar hogescholen met een solvabiliteit van onder de 20 procent en als je dan geconfronteerd wordt met dalende instroom of een waardedaling van je gebouwen, ben je zo door je reserves heen.”

Meevallers
De hogescholen hielden in 2012 samen 61 miljoen euro over. “Dat lijkt veel, maar het is maar 1,7 procent van het jaarbudget.” Om tegenvallers te kunnen opvangen, begroten hogescholen een overschot van 1 of 2 procent. “Daar is natuurlijk niets mis mee”, vindt Wintels. Alleen waren er de laatste jaren nauwelijks tegenvallers maar wel meevallers, die meestal te danken zijn aan grillig overheidsbeleid.
In 2012 werd bijvoorbeeld de al ingevoerde langstudeerboete aan het eind van het jaar weer afgeschaft. Daardoor kregen universiteiten en hogescholen het al ingehouden geld terug. Voor Fontys kwam dat neer op 4,3 miljoen. Afgelopen jaar was er weer zo’n meevaller. “In december is het herfstakkoordgeld gestort”, vertelt Wintels. “Zo’n bedrag dat aan het eind van het jaar binnenkomt, kun je niet meer zinvol opmaken.”
Dankzij deze meevallers houden hogescholen aan het eind van het jaar steeds geld over. Fontys boekte in 2012, mede dankzij een flinke winst op de verkoop van een pand, een overschot van 18,6 miljoen euro – 5,5 procent van het beschikbare budget – terwijl er maar een klein overschot van 490 duizend euro was begroot. Voor 2014 geeft de vertrekkende collegevoorzitter ook een ‘overschotwaarschuwing’ af. De hogeschool heeft de afgelopen jaren de ondersteunende diensten gereorganiseerd en gebouwen afgestoten om geld vrij te maken voor het onderwijs. Dit jaar is er financiële ruimte voor het aanstellen van tweehonderd extra fulltime docenten, vertelt Wintels. “Maar het zal een hele toer worden om die vacatures allemaal kwalitatief goed in te vullen.”

Masterdiploma
Hogescholen hebben prestatieafspraken gemaakt over het verhogen van het opleidingsniveau van hun docenten. Fontys heeft beloofd dat het aantal docenten met een masterdiploma stijgt van 65 naar 80 procent. “Maar we kunnen niet overal in het tempo dat nodig is goedgekwalificeerd onderwijspersoneel aannemen. Bij de techniekopleidingen is dat bijvoorbeeld lastig. We doen er alles aan om de masters die we nodig hebben, aan te trekken. Als dat niet overal lukt, blijft er ook in 2014 weer geld over.”
Waarom bieden hogescholen masters dan geen vaste baan aan in plaats van jaarcontracten? “Met incidentele meevallers kun je geen vast personeel aanstellen”, antwoordt Wintels. “De overheid wordt steeds wispelturiger. We hebben te maken met prestatieafspraken, waardoor 7 procent van ons budget onzeker is. Nu denk ik dat het niet zo’n vaart zal lopen met het afrekenen op prestaties, maar als je onzeker bent over 7 procent van je inkomsten, ga je niet ten volle verplichtingen aan.”
De aan geld gekoppelde prestatieafspraken waarin hogescholen zich vastgelegd hebben op het verbeteren van het studierendement en het verhogen van de onderwijskwaliteit, zijn sowieso ‘fouter dan fout’, vindt Wintels. “Er gaat de vreemde suggestie vanuit dat financiële prikkels de onderwijsprestaties positief beïnvloeden. Nu geloof ik niet dat docenten zich bij het beoordelen van het werk van hun studenten iets aantrekken van die financiële prikkels, maar het blijft pervers.”
De onzekerheid over de bekostiging leidt tot voorzichtigheid, tot terughoudend financieel beleid en dat heeft een averechts effect op de onderwijskwaliteit. “Voor goed onderwijs heb je goed personeel nodig met een goed arbeidscontract.” Wintels pleit daarom voor meer stabiliteit in de bekostiging. “Geen hapsnapfinanciering meer. Liever stabiel, structureel geld dan al die onvoorspelbare extraatjes waar je toch niet op kunt rekenen.”

{noot}

Op de hogeronderwijssite van de AOb is Wintels’ betoog ‘Opgepot onderwijsgeld’ te downloaden: www.hogeronderwijs.nu (nieuwsoverzicht)

{kader}
Van belastingadviseur tot hbo-bestuurder

Marcel Wintels (1963) kwam de afgelopen jaren vooral in het nieuws met zijn nevenactiviteiten. Hij werd begin 2012 interim-bestuurder van de bijna failliete Amarantis scholengroep. Hij redde de scholen van de ondergang door de onderwijskolos op te splitsen in vijf zelfstandige scholen.
In hetzelfde jaar deed hij mee aan de CDA-lijsttrekkersverkiezing. Hij eindigde met 9,5 procent van de stemmen op de derde plaats. Afgelopen jaar dook zijn naam regelmatig op in de berichtgeving over dopinggebruik in het wielrennen, want Wintels is sinds 2006 voorzitter van de KNWU.
Marcel Wintels werd in 2008 bestuursvoorzitter van Fontys Hogescholen. Daarvoor was hij acht jaar collegelid (en sinds 2002 collegevoorzitter) bij de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Wintels studeerde fiscale economie aan de heao Arnhem en fiscaal recht aan de Universiteit van Tilburg. Hij begon zijn loopbaan als belastingadviseur en was vennoot bij een accountantskantoor en directeur-eigenaar van een financieel-juridisch adviesbureau voor hij overstapte naar het hbo.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.