• blad nr 4
  • 22-2-2014
  • auteur D. van 't Erve 
  • Redactioneel

Reuze interessant: een nieuweling in de klas 

Maar na een week of twee…

Veranderen van school vindt ieder kind spannend. De start valt vaak mee: kinderen vinden een nieuweling in de klas reuze interessant. Het is vooral zaak om als leerkracht ook daarna goed te blijven opletten.

Een school voor speciaal (basis)onderwijs heeft bij uitstek ervaring met instroom van nieuwe leerlingen gedurende het schooljaar. Sbo het Mozaïek in Zutphen kreeg bijvoorbeeld na de kerst veertien nieuwe kinderen binnen. De school telt nu 210 leerlingen verdeeld over veertien groepen. “Er zijn drie vaste instroommomenten”, vertelt directeur Gerrit Brummelman. “Vaak komen er dan meerdere nieuwe leerlingen tegelijk in een groep. Dat gaat prima, de leerkrachten hebben hier veel ervaring mee.”
Hoe de leerlingen reageren, verschilt per groep, maar er is volgens Brummelman één gemene deler: “Alle leerlingen weten hoe het voelt om hier te beginnen. Ze hebben allemaal meegemaakt dat ze moeten overstappen omdat het op een reguliere school niet lukt. Daardoor is er veel begrip en voelen nieuwelingen zich snel thuis.” Kinderen kijken daarom niet raar op als een nieuwe leerling in het begin moet huilen bij het afscheid, of als ouders nog mee de klas in komen. In het begin willen alle kinderen wel vriendjes worden, maar na een week of twee verandert dat. “Dan is de leukheid ervan af en is het afwachten wie er van de vriendjes overblijven”, vertelt de directeur. “Dan kunnen ook de eerste ruzies ontstaan en zal de leerkracht meer moeten inzetten op een goede groepsdynamiek. Eigenlijk is dat niet anders dan op een reguliere basisschool. De kinderen reageren hier alleen veel meer en heftiger op elkaar, waardoor het leerkrachten meer energie kost om de rust te bewaren.”

Buddy
Bauke Korenstra, directeur van CBS de Vuurvlinder in Sneek, merkt ook dat een nieuwe leerling de dynamiek in de groep kan verstoren. Een goede overdracht is volgens hem essentieel. Een kind dat van school verandert omdat het op de vorige gepest werd of door een scheiding van de ouders, vraagt namelijk een andere benadering dan een kind dat verhuist vanwege het werk van ouders. “We vragen altijd een gesprek met de leerkracht van de vorige school. Want alleen als je weet wat er speelt, kun je er goed op reageren. Leerlingen kunnen anders op een verkeerde manier aandacht gaan vragen, bijvoorbeeld door agressief gedrag. Een nieuwe leerling kan dan voor onrust zorgen in de klas, maar ook onder ouders. Want zij vragen zich af wie die nieuwe is, waar alle aandacht naar toe gaat.”
Een nieuwe leerling mag op de Vuurvlinder alvast een dagdeel meedraaien om kennis te maken en de sfeer te proeven. Daarnaast wijst de leerkracht een leerling in de klas aan als buddy die zich over de nieuwe leerling ontfermt. Dat gaat van letterlijk wegwijs maken in de school tot en met vertellen over de aanpak en de regels op de school. “Leerlingen vinden die taak erg leuk en voor de nieuwe kinderen werkt het heel goed”, legt Korenstra uit. “We zijn een grote school met 21 groepen; een buddy zorgt ervoor dat nieuwe leerlingen zich hier snel veilig en vertrouwd voelen.”
Er zijn ook ouders die van school willen wisselen omdat ze niet tevreden zijn over de gang van zaken op de huidige. De meeste scholen zijn hierin terughoudend, zo ook de Vuurvlinder. Korenstra: “We zitten met een andere school in een gebouw. Ik wil voorkomen dat ouders om het minste of geringste gaan shoppen. Vandaar dat we ouders altijd eerst terugverwijzen naar de huidige school. Als beide scholen en ouders positief zijn over de overstap, nemen we de kinderen over. Het belang van het kind staat voorop. Maar hoe je het ook wendt of keert: ik zie het als een nederlaag als een kind vertrekt.”

Shopgedrag
Directeur Henk Schweitzer herkent dat shopgedrag van ouders wel. Weliswaar niet voor OBS de Molenweid in Velserbroek, waar hij sinds dit schooljaar werkt, maar wel voor zijn vorige ‘groeischool’. “We zaten in een nieuw gebouw, hadden een nieuw profiel, en dat trok veel leerlingen aan. We sloten een soort gentlemen’s agreement met de vorige school. Vaak hebben ouders de beslissing al genomen, en zien ze de overstap als een nieuwe kans voor hun kind.”
Uit eigen ervaring weet hij dat ouders de consequenties ervan niet moeten onderschatten. In een groep met meer dan dertig kinderen en een mix van problematieken, raakte zijn zoon ondergesneeuwd. “Toen bleek dat de school de groep niet wilde splitsen, was dat voor mij de reden om een andere school te zoeken”, herinnert Schweitzer zich. “Dat werd me niet in dank afgenomen. De nieuwe school bleek een uitstekende keus, maar mijn zoon heeft nog zeker tot de middelbare school last gehad van de overstap. Bij de vriendjes in de buurt die nog naar zijn oude school gingen, lag hij er namelijk wel een beetje uit.”
De start op een nieuwe school kan het beste plaatsvinden na een vakantie, omdat dan alle kinderen weer even moeten wennen aan elkaar. Schweitzer: “Maar soms is de nood hoog en dan kan het een opluchting zijn om direct over te stappen.” Hoe de kinderen in de klas worden geïntroduceerd, laat de directeur aan de leerkrachten zelf over. “De nieuwe samenstelling van de groep vraagt de ene keer meer aandacht dan de andere. Leerkrachten zijn deskundig genoeg om dit goed op te pakken en tot nu toe is het altijd goed gegaan. Voor kinderen is een nieuwe klas geen probleem, zij zijn flexibel en passen zich snel aan. In het begin is het reuze spannend voor ze, maar ze zijn nieuw en daardoor heel interessant voor andere kinderen. Dat zorgt voor een warm onthaal.”

LGoed afscheid
Op de Molenweid krijgen alle nieuwe leerlingen een windmolentje cadeau. “Een aardigheidje om hen welkom te heten, dat werkt heel goed”, vertelt Schweitzer. “Goed afscheid nemen is overigens net zo goed belangrijk. In het verleden werd een kind wel eens zomaar uit de klas geplukt, als een moeder bijvoorbeeld moest onderduiken in een blijf-van-mijn-lijfhuis. Dat zorgt natuurlijk voor grote paniek onder alle kinderen: hun wereld blijkt niet zo veilig als het lijkt. Om te voorkomen dat kinderen zomaar van school worden gehaald, maak ik goede afspraken met instanties als jeugdzorg. Ik heb tot nu toe één keer zo’n noodsituatie meegemaakt en natuurlijk blijft het afscheid plotseling en heftig. Maar nu konden de kinderen via jeugdzorg blijven mailen met het meisje. Dat contact maakt het voor haar ook makkelijker om later eventueel weer terug te keren.”

{Kader}

Drie tips

“Veranderen van school is voor elk kind ingrijpend”, vertelt ontwikkelingspsycholoog Christel Westgeest. “Een goede voorbereiding en positieve houding van ouders is het belangrijkst, maar leerkrachten kunnen ook veel betekenen om die overgang succesvol te laten verlopen.” Zij verhuisde zelf twee keer met haar gezin en schreef het boek ‘Verhuizen met kinderen’ op basis van gesprekken met kinderen en hun ouders.

Drie tips voor leerkrachten van haar hand:
1. Besteed bewust aandacht en tijd aan het afscheid van een kind in de klas. Iets goed kunnen afsluiten is nodig om weer opnieuw te kunnen beginnen.
2. Bereid de klas voor op een nieuwe leerling, bijvoorbeeld door een lesje over verhuizen. Als kinderen zich verdiepen in hoe het voelt om op een andere school te moeten beginnen, kunnen ze zich beter verplaatsen in de nieuwe leerling, wat het welkom makkelijker maakt.
3. Wijs een leerling in de klas als maatje aan die de nieuwe leerling wegwijs maakt. Liefst al voor de overstap, bijvoorbeeld door mailcontact. Als je al iemand kent in de klas, wordt de overstap veel makkelijker.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.