• blad nr 18
  • 16-11-2013
  • auteur A. Kersten 
  • Redactioneel

D66-Kamerlid Paul van Meenen: 

‘Het geld voor onderwijs komt er, dat staat vast’

De onderwijsinvesteringen in de begroting van het kabinet-Rutte II zijn vooral de verdienste van oppositiepartijen. En een mooie opsteker voor D66, dat zich graag afficheert als onderwijspartij. Dankzij het afgelopen oktober gesloten herfstakkoord gaat het onderwijs er ruim een half miljard op vooruit. “Het herfstakkoord heeft voor het onderwijs gedaan wat het nationaal onderwijsakkoord had moeten doen.”

Het herfstakkoord is een ferme correctie op het triomfantelijk gepresenteerde nationaal onderwijsakkoord. In september jubelde minister Jet Bussemaker van Onderwijs, samen met werkgevers en een deel van de vakbonden, nog dat er honderden miljoenen geïnvesteerd werden in onderwijs. Al gauw bleek het vooral een kwestie van schuiven binnen de onderwijsbegroting. In een overzichtje dat de minister onlangs naar de Kamer stuurde, komt het onderwijsakkoord per saldo neer op een verwaarloosbare plus van veertien miljoen. In het begrotingsakkoord met D66, ChristenUnie en SGP staat er structureel 637 miljoen onder de streep.
Lang niet genoeg voor alle ambities, erkende D66-onderwijswoordvoerder Paul van Meenen onlangs tijdens het debat over de begroting in de Tweede Kamer, “maar wel een mooie stap in de goede richting”. D66 – door de SP plagend coalitiepartij genoemd – staat weer in de schijnwerpers.
Als je niet beter wist, zou je bijna denken dat D66 in het kabinet zat.
“Alexander Pechtold zei pas nog: In het verleden hadden we wel eens ministers zonder portefeuilles, nu hebben we portefeuilles zonder ministers. Maar er zijn nog genoeg andere punten waarop we stevig met het kabinet van mening verschillen.”
Drie partijen uit de oppositie hebben meer geld losgekregen voor het onderwijs dan minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker in het kabinet. Wat zegt dat?
“Dat heb ik me ook afgevraagd. Ik heb de bewindslieden al een paar keer opgeroepen om wat steviger op te komen voor het onderwijs, ook in relatie tot hun collega’s in het kabinet. Ik begrijp best dat het lastig is. Maar wat ik zie: nu ligt er een investering van netto een half miljard structureel voor het onderwijs, in het nationaal onderwijsakkoord was het vooral schuiven. Balletje-balletje met onderwijsgeld. Ik zag daar geen verandering in komen, totdat wij de strijd aangingen. Het herfstakkoord heeft in mijn ogen gedaan voor onderwijs wat het nationaal onderwijsakkoord had moeten doen.”

Lokkertje
Hoe kijkt u aan tegen de manier waarop dat nationaal onderwijsakkoord werd gepresenteerd?
“Het is een goede Haagse politieke gewoonte om een feestje te vieren waar er geld bijkomt. Waar het wordt weggehaald, daar hoor je niet zoveel meer over. Ik vond de feestelijkheden niet in verhouding staan tot het resultaat. Er staan ook een paar goede dingen in, zoals het schrappen van de 1040-urennorm. Maar daarover was een jaar geleden al een motie aangenomen. Ik denk dat de staatssecretaris ervoor heeft gekozen om het als lokkertje in de onderhandelingen over het nationaal onderwijsakkoord te gooien. Zo van: dat gaat pas door als je je handtekening onder het hele akkoord zet.”
Toch stonden daar de handtekeningen onder van werkgevers en bijna alle vakbonden, op de AOb na.
“Ja. Ik denk dat ze bang waren het geld kwijt te raken, dat het geld weer terug zou vloeien naar de algemene middelen als er geen akkoord kwam. Een reële angst, denk ik. En er is vaak de neiging om toch maar tot een akkoord te komen als je al zo lang met elkaar om tafel zit. Ik ben in elk geval blij dat er daarna nog iets is gebeurd, dat veel concreter is en waarvan het onderwijs voor de kerst al resultaat zal zien.”
Nog dit jaar wordt er eenmalig 650 miljoen overgemaakt naar de lumpsum van scholen, maar de dekking is onzeker. Dat geld moet komen uit meevallers op de rijksbegroting voor dit jaar. Als die lager uitvallen, moet het kabinet misschien bijlenen en loopt de staatsschuld op.
“De dekking hangt af van de meevallers aan het einde van het jaar, dat klopt. De afgelopen jaren was er telkens een overschot van zo’n miljard euro, dus de verwachting is dat het dit jaar ook zo zal zijn. Mocht dat niet zo zijn, dan moet het kabinet dat oplossen. Het geld komt er, dat staat vast.”

Zelf bepalen
Po en vo krijgen verhoudingsgewijs een groter deel van die 650 miljoen, vanwege de financiële problemen in die sectoren. Maar er zijn grote verschillen tussen instellingen. En het voortgezet onderwijs boekte in 2012 toch een plusje.
“Per school beoordelen wat er nodig zou zijn, is vanuit Den Haag niet te doen. Scholen kunnen zelf bepalen waaraan het geld het beste kan worden besteed. Ik heb in het verleden meegemaakt (als rector, red.) dat er geld binnenkwam dat was geoormerkt voor post X. Ik kon het beter gebruiken voor post Y, maar dat mocht niet. Met de lumpsum hebben scholen die ruimte nu. Je moet wel zorgen dat het op de goede plekken terechtkomt. Als je een enorm controlesysteem optuigt, ben je dat geld vooral kwijt aan extra boekhouders. Maar je kunt het ook niet zomaar over de schutting gooien en hopen dat het allemaal goedkomt. Daarom wil ik dat de medezeggenschapsraad instemmingsrecht krijgt op de hoofdlijnen van de begroting. Dat is voor mij de garantie dat het geld op de goede plek terechtkomt, zonder dat je een administratief verantwoordingscircus opricht.”
Daar is geen meerderheid voor in de Tweede Kamer.
“Nou, nóg niet. Over medezeggenschap is nog een heel debat gaande. Ik bespeur in de Kamer een toenemende interesse, dus ik ben optimistisch gestemd.”
De Tweede Kamer heeft het kabinet ook op enkele andere punten behoorlijk bijgestuurd. Er zijn moties aangenomen die een streep zetten door de kleutertoets en de voorgenomen Cito-streefnorm van 537. Democratie in optima forma?
“Ja, ik ben een enorme liefhebber van zulke verhoudingen. Er is weinig vastgelegd in het regeerakkoord. Partijen voelen zich vrij om die ruimte te nemen en dat leidt soms tot aangenaam verrassende meerderheden.”

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.