• blad nr 15
  • 5-10-2013
  • auteur . Lachesis 
  • Column

 

Zonder h

De onderzoeksgegevens van Lars zijn bekend. De dag nadat ik de resultaten op mijn bureau heb aangetroffen steekt hij zijn vinger op: mag ik aan de klas vertellen wat ik allemaal heb? Ik knik. Nou jongens, vertelt hij terwijl hij vrolijk om zich heen blikt, ik heb korte termijn! Er valt een verpletterende stilte. Niemand weet hoe deze diagnose geplaatst moet worden. Is het erg, is het ongeneeslijk? Dan kijken ze allemaal tegelijk in mijn richting. Ik denk dat je even uit moet leggen wat het is, zeg ik. Lars knikt. Dat betekent dat ik alles wat de juf zegt en uitlegt meteen weer vergeet. Hij grinnikt erbij. Ja, en dat is dus heeeeel zielig voor mij, concludeer ik. De klas schiet in de lach. Ja, dat is waar, voor de juf is dat het zieligst. Lars vervolgt zijn verhaal. Ik heb ook nog adhd zonder de h! Er schieten drie vingers de lucht in. Ik ook. Ik ook. Ik ook! Sarah, Janine en Jaid kijken trots om zich heen. Ik heb het met de h, roept Janine. Ja, daar weet ik alles van, verzucht ik op dramatische toon, je zit nog maar drie dagen bij me in de klas en hebt al minstens driehonderd keer door me heen gekwekt. Janine kijkt getroffen in mijn richting. Sorry juf. Er zitten 21 meisjes en 5 jongens in deze klas. Het is de meest merkwaardige combinatie die ik ooit gehad heb. Trefballen is een zenuwslopend spel met zoveel meiden. De bal raakt gewoon nooit op de andere speelhelft. Speel eens door, roep ik wanhopig als ze de bal eindeloos heen en weer gooien. Ja, maar Rachel heeft ‘um nog niet gehad. Ik wist niet dat ik zo ongeduldig kon worden van zulke aardige sociale handelingen. Ondanks hun geringe aantal zijn de jongens niet voor de poes. Lars heeft niet alleen add maar ook veel problemen thuis. Jaid heeft er een handje van om met iedereen in de buurt overhoop te liggen. Heb ik de wijkagent niet aan de telefoon, dan belt er wel een vader van een andere school over een akkefietje. Ook heeft hij een moeizame relatie met de waarheid waardoor hij steeds ten diepste gekrenkt is als ik hem met feiten confronteer. Bah, feiten! En dan is daar nog Jan-Peter. Of beter: Jan-Peter en zijn moeder. Een paar keer per week staan ze me zwijgend op te wachten. In de hand van moeder rust altijd een briefje met bespreekpunten. Het briefje is lang en alle punten moeten per direct afgehandeld worden. Is zijn extra plus-werk voor taal al gearriveerd? Moet hij echt met de klas mee doen als er een stoei les is met gym? Waarom zit hij nog naast Jaid? De ernst waarmee alles aan de orde gesteld wordt is groot, een grap wordt niet gewaardeerd en uitstel niet geaccepteerd. Achter in de klas zit de nachtmerrie van iedere invaller: Froukje. Ze misdroeg zich vorig jaar om de haverklap. Ze krijste door de lessen heen, gaf adembenemend brutale antwoorden, zette de hele school op stelten als ze op de gang gezet werd en voerde geen spat uit. De eerste dagen na de vakantie heb ik geen omzien naar haar. Ze werkt rustig, lacht me vriendelijk toe en voert alle opdrachten goed uit. Toch besef ik dat ik een risico neem als ze op een dag met een werkelijk minuscuul druppeltje bloed en een overbezorgde trek op haar gezicht naar me toe loopt. Ik zet mijn bril op en bekijk het druppeltje aandachtig. Dan zeg ik diepbedroefd: ik zal mooi spreken op je begrafenis meisje. Haar hoofd schiet met een ruk omhoog. Even zie ik een vertwijfelde blik in haar ogen. Ik houd mijn adem in. Dan breekt er een stralende lach door. Zingt u dan ook, vraagt ze grijnzend. Ik knik. Natuurlijk zing ik dan ook.

Dit bericht delen:

© 2026 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.