- blad nr 13
- 7-9-2013
- auteur R. Wisman
- Na de bel
Gerco
De gezinsleden vullen hun glazen met wijn. Gerco loopt met zijn glas het huis in om te koken: pasta carbonara met salade uit eigen tuin. “Dan kunnen jullie ongestoord over mij praten”, lacht hij.
Zoon Jerke steekt van wal: “Gerco ziet een klas met kinderen als een team waarbinnen je oog hebt voor elkaar en samenwerkt. Het gezin ziet hij ook als een team. Hij leerde ons het werk te zien en te doen. Niet vragen: Zal ik helpen met de afwas? Nee. Doen.”
Moeder José: “Openheid hoort ook bij het team. We praten overal over.”
Dochter Jorijn: “Iets voor je houden, lukt nauwelijks. Dat hebben ze gelijk door.”
Jerke: “In de klas heeft Gerco het overzicht over het geheel, maar hij ziet ook de individuen in de klas. Breedbeeld kijken noemen we dat binnen ons gezin.”
Jorijn: “Hij ziet het als een leerling niet lekker in zijn vel zit. Bijvoorbeeld aan gespannen schouders. Als dat zo is, legt hij in het voorbijgaan even een hand op een schouder, waardoor het kind ervaart dat er iemand naast hem staat.”
Jerke, die een lerarenopleiding doet, liep vandaag een dag mee op de Ambelt. “Gerco creëert een klimaat waarin de leerlingen - vaak autisten - zich bewust worden van elkaar. Hij leert ze dat je dingen samen kunt doen en dat je mag zijn wie je bent.”
“In het gezin staat authenticiteit ook voorop”, zegt José. “Gerco pakt een handvol suikerklontjes en zegt dan tegen een leerling: Dat ben jij. Iedere leerling heeft evenveel suikerklontjes, maar de klontjes zijn niet gelijk verdeeld. Voor taal heeft een leerling met dyslexie bijvoorbeeld maar één klontje.”
Jerke: “Ik ben zo dyslectisch als een deur. Gerco leerde me met die beeldspraak en humor om vanuit mijn mogelijkheden te denken, en niet vanuit mijn beperkingen.”
Jorijn en Jerke spreken hun ouders van jongs af met de voornaam aan. Jorijn: “Gerco hoefde geen papa genoemd worden. Hij wou onze vriend zijn.”
Jerke: “Hij wil niet boven ons, maar naast ons staan. Op school is dat zijn kracht. Ondanks zijn positie als docent weet hij met de leerlingen op een gelijk level te komen.”
José: “Ook thuis wil Gerco altijd de diepte in.”
Jerke: “Toen we op de basisschool zaten, nam hij geen genoegen met ‘leuk’ of ‘goed’ als antwoord op de vraag hoe het op school was.”
Jorijn: “Hij wilde een verhaal en wachtte daar tijdens de maaltijd op.”
Zo open als de gezinsleden in het gesprek met elkaar zijn, zo zijn ze ook in het lichamelijk contact: aanraken hoort erbij. Hoe was dat voor Robert, sinds zeven maanden de partner van Jorijn? “Toen ik de eerste keer binnen kwam, wilde ik Gerco een hand geven. Voor ik het wist, lag ik in zijn armen.” Gerco: “Ik denk: Die jongen is natuurlijk zenuwachtig. Niet iedereen is trouwens van zoveel directheid gediend.”
José: “Jij hebt in de loop der jaren beter leren doseren.”
Meedoen aan deze rubriek? Mail naar onderwijsblad@aob.nl