- blad nr 11
- 8-6-2013
- auteur . Overige
- Juridische rubriek
Vast dienstverband
Tekst Joost Aarts, juridische dienst
Ook Viki wendde zich tot de juridische dienst om zo'n puzzel voor haar op te lossen. Op 1 november 2009 was zij als onderwijsassistent in dienst gekomen, maar ze had meer in haar mars en was druk bezig om haar pabodiploma te halen. Dat laatste bleek inderdaad maar een kwestie van tijd, want ze wist haar diploma al twee maanden later te behalen, in januari 2010. Reden voor haar werkgever haar tot half juni 2010 een vervangingsbaan als groepsleerkracht aan te bieden. Omdat de nood al snel opnieuw aan de man bleek, werd Viki gevraagd om nog een maand extra een vervanging te doen.
Dat de werkgever erg blij was met Viki's bereidheid om zo flexibel in te springen, bleek na de zomervakantie 2010, toen ze het verzoek kreeg om het hele schooljaar voor vervanging terug te komen. Natuurlijk was Viki vervolgens ook bereid om toen collega Sandra verlof opnam haar vanaf het schooljaar daarop, van 2011 tot 2012, te vervangen.
Viki bouwde daarmee een behoorlijke werkervaring op. Daar had zij natuurlijk geen bezwaar tegen. Maar ronduit vervelend vond zij wel dat ze op deze manier weinig financiële zekerheid had en bovendien iedere keer te maken kreeg met ingewikkelde regels voor haar uitkering. Toch accepteerde ze zonder lang nadenken een nieuwe baan die haar werkgever haar na de zomervakantie van 2012 aanbood, waarbij hij deze keer niet vermeldde wat de reden was. Toen hij haar in maart per brief liet weten dat het ook deze keer ging om een tijdelijk dienstverband, dat eind juni 2013 zou aflopen, vroeg Viki zich af of dat nog wel juist was.
Die vraag legde ze aan de juridische dienst voor. Klopte het wel dat een werkgever haar zoveel tijdelijke dienstverbanden kon aanbieden zonder dat die op een gegeven moment vast werden? Viki had namelijk wel eens gehoord dat je volgens de wet maar drie tijdelijke arbeidsovereenkomsten kon krijgen en dat de vierde een vast dienstverband moest zijn.
Op dat laatste punt moest de juridische dienst Viki teleurstellen. Het is heel goed mogelijk dat in een cao een regeling staat die afwijkt van wat de wet regelt. En de voor haar geldende cao voor het primair onderwijs bepaalt dat een werkgever pas een vast dienstverband behoeft te geven als alle arbeidsovereenkomsten bij elkaar, ook als dat er veel meer zijn dan drie stuks, in totaal meer dan drie jaar hebben geduurd. Ook mogen er niet meer dan drie maanden zitten tussen ieder afzonderlijk dienstverband.
Maar toch kreeg Viki gelijk. Omdat ze al sinds 1 november 2009 werkte, waren er op 1 november 2012 drie jaar verstreken. Ze had vanaf dat moment dus recht op een vast dienstverband. Toen de juridische dienst daarnaar informeerde erkende de werkgever zijn vergissing. Viki's dienstverband wordt op 26 juni niet beëindigd. Ze mag volgend jaar gewoon terugkomen. Maar nu in vaste dienst.
Voor juridisch advies kunt u contact opnemen met het Informatie en Advies Centrum van de AOb: 0900 4636262 (5 cent per minuut), info@aob.nl