• blad nr 10
  • 25-5-2013
  • auteur S. Ridder 
  • hier & daar

 

Besmet met het buitenlandvirus

Eveline Kerckhaert is zes jaar als ze naar Vietnam vertrekt vanwege het werk van haar vader Peter. Eveline is blij dat haar ouders voor haar en haar zusjes Henriette en Charlotte een internationale school kiezen. “Engels leren op je zesde is nog wel te doen, maar Vietnamees krijg je niet zomaar onder de knie.”

Engels onderwijs krijgen viel Eveline in het begin nog wel even tegen. “Ik heb best veel moeten huilen die eerste week, maar gelukkig zat er nog een Nederlands jongetje in mijn klas. Hij hielp mij. En wat ook scheelt is dat er op zo’n school heel veel kinderen zijn die Engels niet als hun eigen taal hebben. Het is voor iedereen lastig en dat maakt het wel weer makkelijker.” Na ruim vier jaar verhuist het gezin Kerckhaert naar Maleisië en ook hier gaat Eveline naar een internationale school. Eveline weet nog dat er toen een Westers meisje was dat eerst naar een lokale school ging voordat ze de overstap naar de internationale school maakte. Eveline: “Die overstap had te maken met de taal, maar ook met het feit dat ze het enige blanke meisje was. Alle andere meisjes droegen hoofddoeken, dus ze voelde zich best wel alleen. Ze vertelde me ook dat er altijd iemand meeging als ze naar het toilet moest, omdat ze bang waren dat ze anders weg zou lopen. Of dat nou helemaal klopte weet ik niet, maar ik was blij dat ik meteen naar een internationale school mocht.”
Eveline kan dus geen vergelijking maken tussen het onderwijs in Maleisië en Vietnam, maar heeft wel ervaring met twee verschillende internationale scholen. “In Vietnam zat ik op een Britse internationale school en in Maleisië op een Amerikaanse. De Britse was veel strenger in allerlei regels. Zo waren de voorschriften voor het uniform heel strikt – zelfs over de sokken - en mochten we geen hangende sieraden aan. Ook moest lang haar worden vastgebonden. Op de Amerikaanse school hadden we wel allemaal hetzelfde shirt en broekje, maar voor de rest maakte het niet zoveel uit.”
Sinds vorig jaar zomer is de veertienjarige Eveline weer terug in Nederland. Ze heeft er even over gedacht om in Amersfoort tweetalig onderwijs te volgen, maar de middelbare school die dat aanbood zat te ver weg terwijl het Eemlandcollege om de hoek lag. Wat ze heel fijn vindt is de herwonnen vrijheid. “Hier kun je lekker op straat hangen of de fiets pakken om met vriendinnen naar de stad te gaan. In Azië moest ik overal met de auto naartoe gebracht worden en dat maakte het niet makkelijk om spontaan iets te ondernemen.” Ook is de sfeer op school veel vrijer zegt Eveline. “Hier heb je wel eens een tussenuur, terwijl daar op de internationale scholen nooit sprake van was.” Ook heeft Eveline gemerkt dat de jongeren op de internationale scholen veel meer verantwoordelijkheidsgevoel en discipline hebben. Op zich is dat bekend over Azië, maar Eveline voelde dat dus ook op de internationale scholen. “In Nederland heb ik me in het begin best verbaasd als klasgenoten hun huiswerk niet maakten. En dat leraren dat bijhielden met kruisjes en strepen op een lijst, ook als je je boeken niet bij je had bijvoorbeeld. Leraren zitten er hier meer bovenop, terwijl dat soort dingen op de internationale school worden gezien als je eigen verantwoordelijkheid. Ze checken daar lang niet altijd of je je huiswerk gemaakt hebt, terwijl je er ook nog eens veel meer thuisopdrachten krijgt. En het grappige is dat er daar bijna geen jongeren zijn die hun huiswerk niet maken.” Een ander groot verschil is het gymonderwijs. “We kregen iedere keer een paar weken lang les in een bepaalde sport en dan werden we zelfs overhoord over de spelregels. Dat wordt heel serieus opgepakt. In Nederland merkte ik dat sommige kinderen niet eens weten dat je bij basketbal na het stuiteren niet verder mag lopen. Dan krijg je wel een raar spelletje hoor. En verder is het hier de ene keer trefbal, de andere keer een ander spelletje, maar vooral niet te intensief. In Azië was dat allemaal een stuk fanatieker en je kon zelfs geselecteerd worden om in het buitenland tegen andere scholen te strijden. Ik vond dat toch wel leuker.”
Eveline moet na zeven jaar buitenland wel zeggen dat ze is besmet met het ‘buitenlandvirus’. “Ik vind het nu wel fijn om een tijdje in Nederland te blijven omdat ik nu net weer een leuke vriendenkring heb opgebouwd, maar het is wel bijzonder dat ik zo veel heb meegemaakt. Natuurlijk is het wel eens lastig geweest om in zo’n ver land te wennen, maar je leert er wel veel van. Ik stap nu bijvoorbeeld makkelijker op iemand af als ik een vraag heb. Je wordt wat vrijer. En als ik later kinderen heb, zou ik ze ook mee willen nemen naar het buitenland.”

Dit bericht delen:

© 2021 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.